Do not burn the tentpoles

Solohike Canada. South Boundary Trail.

De ultieme wildernis, het ultieme op jezelf en je loodzware rugzak aangewezen zijn.
De trail was afgelegen en amper belopen. Er liepen meer dieren dan mensen en de diersporen waren daardoor dikwijls beter uitgesleten dan de trail zelf. De route was niet gemarkeerd, maar er waren kampementen. Met exotische namen zoals Rocky Pass of namen die eindigden op Creek. Veel hadden ze niet om het lijf, maar in deze wildernis waren het kleine paradijsjes, die fijn waren om op te koersen. Ze hadden een horizontaal vlakje, waar je je tent kon plaatsen. Ze hadden een vuurplaats, dikwijls zelfs met een rooster. Ze hadden een ‘privy’, de wc die er in de praktijk uitzag als een gat in de grond met een horizontale boomstam erboven, om op te zitten. Maar de grootste luxe was de horizontale balk tussen 2 bomen, op 4 meter hoogte. Zo kon je je bearbag, vol met eten en tandpasta, ophangen. Zodat de beren er niet mee aan de haal zouden gaan. Het was nog steeds een vermoeiende uitdaging, maar het had nog altijd een grotere slagingskans om je touw voor je bearbag op die hoogte over een balk te gooien, dan over een tak van een boom.

Sommige kampementen hadden zelfs naambordjes. Om je er aan te herinneren dat er heus zo nu en dan nog menselijk leven was in het gebied. Maar ook om je er aan te herinneren om niet je tentstokken in de fik te steken. Kennelijk.

“Do not burn the tent poles”

Ik wist niet of ik in een fase van ijlen zat of het gewoon niet goed begreep. Ik was in een staat van onderkoeling en uitputting, mijn beoordelingsvermogen liet vast te wensen over, bedacht ik me. Toch hield het me even bezig. En eerlijk gezegd nog steeds.

Was ik in een gebied waar hikers dikwijls zó in een waan verkeerden dat ze hun tentstokken maar in de fik staken? En kwam het op deze afgelegen trail zó vaak voor dat een bordje bittere noodzaak werd? Omdat ze met enige regelmaat wéér een overleden hiker vonden die zijn tentstok in de fik had gestoken bij wijze van laatste redmiddel? Of was het gewoon een aardig en gratis advies? Of maakten de meeste hikers hier tentstokken van de takken, zoals ik mijn wandelstokken gebruikte voor mijn tent, en mocht je die niet bij het ontbijt in de fik steken? En waarom dan niet? Waren er hectares aan bosbranden verloren gegaan omdat er weer een vieze hiker zijn tentstok aanstak? Of was ik gewoon lost in translation? Was het gewoon een gezegde, welke ik niet begreep?

Het antwoord weet ik nog steeds niet.
Wel denk ik nog met enige regelmaat als ik mijn tentstokken pak uit mijn rugzak; “niet in de fik steken, oké?”


Na het posten van dit blog kwam het verlossende antwoord van Rogier Gruys,
Tourism Product Development Specialist voor Parks Canada:

“Vooral bij kampementen voor ruiters/paarden gebruiken de mensen die dit pad geregeld met gasten doen vaak grotere tenten die overeind gehouden worden door lange houten palen. Die hebben ze dan netjes gezocht en naar het kampement gesleept. Ze rekenen erop dat ze er de volgende keer nog zijn, zodat ze snel de tenten op kunnen zetten, vooral als het slecht weer is. Dus, gelieve die palen niet te gebruiken als brandhout!

Deze bordjes zijn oud, die nieuwe zijn allemaal groen en wit. Tegenwoordig komen weinig ruiters meer voorbij, dus toen we de laatste paar jaar de bordjes in alle backcountry campgrounds vervingen, hebben we deze maar gelaten. En trouwens, we waren nog niet aan de South en North Boundary toegekomen… Dus de bordjes zullen er nog wel even zijn. Een herinnering aan een andere tijd, toen meer gasten met hun gidsen te paard over deze paden reden.”

Deel deze blog:

Facebook
Twitter
LinkedIn

Meer blogs:

Wc-papier op de trail

#Hikegear

5 oktober 2022

Langs deze weg

#rayu

11 september 2022

Dear SBT

#rayu

1 september 2022

Verdwaalverhaal: wat als je bearbag verdwaald is?

#Navigatie

31 mei 2022

Hoe voorkom je shinsplints door hiken?

#Hikefit

20 maart 2022

Alleen op pad – Webinar

#Veerkracht

9 februari 2022