Kungsleden: The Aftermath

door | 2 okt 2020

Van trail naar twilightzone.
Rayu is weer terug van een maand op de trail: 440 kilometer van de Kungsleden in Noord-Zweden. Voor je het weet word je opgeslokt door het leven, maar hiken heeft impact. Wat is die impact eigenlijk? 
Lees mee in Rayu’s dagboek over de eerste 7 dagen na haar solohike.

Geland. Althans, fysiek. De vlucht ging soepel en zelfs mijn rugzak kwam aan. In de trein tekst ik wat vrienden en familie. Ik heb last van het licht, merk ik. Of beter gezegd, het gebrek aan licht. Ik kwam uit een zonnig maar koud Kiruna, hier is de lucht flink bewolkt en grijs. Het zal de schemer zijn, ik heb geen idee hoe laat het nu precies donker wordt in Nederland, besluit ik. Ik loop langs de supermarkt voor een bups calorieën waarmee ik onder een dekentje een film ga kijken. Ik doe nog niet mee aan het leven en geniet nog even van mijn hikers high.

Ik word, zoals ik inmiddels gewend ben door het leven met het licht de afgelopen maand, vroeg wakker. Het idee dat ik veel te snel weer opgeslokt ga zijn door het reguliere leven staat me tegen. Ik voel de onrust van de ruwe overgang van buitenleven, de hele dag in touw zijn, en een rugzak torsen naar binnenleven, zittende dagen en schermpjes. Ik ben geen hardloper, maar ik trek mijn hardloopschoenen aan en ren bijna vliegend 7 kilometer door het park alsof het niks is. Het is niet veel, maar het is de beste natuurbeleving in combinatie met fysieke activiteit die ik nu kan organiseren. Ik heb nog steeds last van het licht, het is voor mijn gevoel nog steeds donker, hoewel het daglicht al een tijdje prijkt. Vreemd, ik kan me dit niet herinneren van terugkomst van andere hikes.
Die ruwe overgang wordt bekrachtigd door mijn extra shift deze week in de outdoorwinkel. De minuten kruipen voorbij. Wanneer ik een kassahandeling uit moet voeren, er meerdere klanten om mij heen staan met verschillende vragen en de brandweersirene hard door de straat loeit, neem ik even een time-out. Ik ben nog niet bereid om mijn prikkelvrije staat van zijn zo snel te grabbel te gooien.
Van de weidsheid, de rust, de ruimte, de regelmaat, de gedoseerde en minimale prikkels naar een stads leven waarin de hoeveelheid prikkels gigantisch zijn…ik voel het bizarre verschil en vind het schrikbarend. Ik neem me voor er me iets beter tegen te wapenen door er al tijdig iets aan te doen, in plaats van wachten tot ik overprikkeld raak. Je kunt niet overal wat aan doen, maar er ligt doorgaans altijd iets binnen je mogelijkheden, als je er maar alert op bent.

Vandaag is een blur. Mondjesmaat pak ik wat werkzaamheden op, maar het gaat niet van harte. Ik beantwoord wat mails, open voor het eerst na meer dan een maand mijn Facebook en lees een groot deel van de gemiste updates van mijn favoriete groepen en personen. Je mist echt minder dan je denkt, besluit ik. Ik neem mijn gebrek aan beweging-onrust mee naar de gym en zet tevreden een workout neer. Na een ellenlange gym-historie ben ik goed op de hoogte van mijn lichaam, maar het blijft altijd interessant om te zien hoe je lichaam reageert na een maand anders bewegen. Ben ik kracht verloren? Of heb ik juist wat gewonnen? Hoe gaat het coördinatief? Kan ik oppakken waar ik gebleven was in augustus? Allicht, maar ik ben niet bereid het risico te lopen van een week krom te lopen van de spierpijn, dus ik zet aan de voorzichtige kant in en hou het bij single-setters. Een goede keus, zal de volgende dag blijken; het was precies genoeg.
Ik spreek af met mijn beste vriendin die mijn verhalen lankmoedig aan hoort en vergenoegd eet ik ook haar bord leeg. Hiker hunger is real.

Zes kilo verloren in een maand vol fysieke activiteit…dat is gewoon roofbouw. Met eten voor drie weken in je rugzak zul je wat concessies moeten doen, maar eerlijk gezegd heb ik zelden écht honger gehad op de trail. Tijdens lopen ben ik nauwelijks bezig met eten of mijn hongergevoel. Het is fascinerend hoeveel je -voor een bepaalde tijd-  kan op heel weinig. Het lijkt op een soort functionele onderdrukking. Maar oh wee als je uit die context stapt en je hebt een soort onbeperkte toegang tot overvloedigheid, genaamd de supermarkt. Of je keukenkastje. Met moeite weet ik niet álles te eten wat in mijn zicht komt, maar dat er een compensatiedrift aan de gang is, is onmiskenbaar. 
Het is ook altijd mooi om te zien welke keuzes je weer in een supermarkt maakt. Hoe je weer de dingen gaat eten die je vooral hebt moeten ontberen; en dat is na een maand op de trail eigenlijk alles wat je niet hoeft aan te lengen met water, wat in een zakje zit of er uit ziet als een reep….maar mijn winkelmandje vult zich dominant met verse groente, fruit en mijn geliefde bakjes kwark.

Fascinerend hoe snel je het weer normaal vindt om in een bed wakker te worden, in een warm huis met water uit een kraan; omringd door al het denkbare comfort, waar ik 5 dagen geleden nog lag te blauwbekken in een tent in temperaturen onder het vriespunt. ‘Is dat niet ondankbaar?’ vraag ik me af. Zou ik niet meer waardering voor dit alles moeten voelen? Ik begrijp dat het gevoel vanzelf slijt, maar eigenlijk was het na dag 1 al weer als vanouds. Sta ik wel voldoende stil bij alle gemakken die ik nu heb? Ik voel me niet ondankbaar. Het is een onderdeel van de flexibiliteit waar ik júist zo prat op ga. Deze keer is het alleen de andere kant op, maar dat is óók onderdeel van het hele spel. De flexibiliteit om je soepel te kunnen manoeuvreren in lastige of veranderende condities. Uitstekend aanpassingsvermogen hebben zodat wat je hike ook brengt, je het aankan. En daardoor zelfverzekerd en vol goede moed op pad gaan. Dát. En dat betekent dus ook dat als je plots weer warm gedoucht in een schoon bed ligt, je net zo makkelijk aanpast. Dankbaar nipte ik aan mijn eerste koffie van de dag. 
Nog steeds beweegonrust, dus niet veel later was ik weer in het krachthonk te vinden. Het ijzer voelde goed, en een ander soort belasting dan de afgelopen maand was fijn en het voelde weer als vanouds. Een soort van thuiskomen, zeg maar. 

Alles gaat nog langzaam. Althans, dat merk ik pas in de buurt van anderen. Kassahandelingen gaan op een gemakje, ik reageer minder snel als er iets moet gebeuren en wacht liever op verkeer dan dat ik er nog even voor schiet, zoals ik voorheen regelmatig deed. Ook multitasken zit er nog even niet in. Zelf ondervind ik er (nog) geen hinder van. Sterker nog, ik geniet nog van de rust die over me heerst. Echt haast en stress heb ik dan ook nog niet, maar de komende week staan er toch wel wat uitdagingen klaar, dus het is nog maar te bezien of deze rust stand houdt. Een maand vrij van coronaperikelen -die op de trail nauwelijks leken te bestaan- was ook even fijn en ik zag er dan ook naar uit om vol goede moed er weer tegen aan te gaan. Dat er nu toch weer vooral annuleringen op de loer liggen, knaagt wat aan mijn optimistische staat, maar ik blijf monter. Vooral ook omdat ik bomvol nieuwe ideeën en plannen zit, waar ik óók tijd voor nodig heb. Want dat is zeker iets wat hiken met je doet: inspireren. 
Na wederom een hardloopsessie sta ik een half uur in de rij bij de bieb om daar te gaan werken. De nieuwe coronarealiteit; maar ik glimlach om het gegeven dat mensen anno 2020 nog in de rij voor een bibliotheek willen staan. Wanneer ik mijn laptop dicht wil doen voelt het alsof ik nauwelijks iets gedaan heb, maar wanneer ik aan het einde van de dag noteer wat ik allemaal heb uitgevoerd, ben ik toch onder de indruk. Nou, in die staat wil ik óók nog wel even marineren!

Het is niet dat ik geen tijd heb gehad. Het is zelfs niet zo dat ik geen ‘zin’ heb gehad of ‘te lui’ was. Er waren genoeg mogelijkheden én redenen geweest de afgelopen week om mijn spullen op te ruimen. Mijn stinkende kleren, die ik een maand heb aangehad, zijn naar de wasmachine verhuisd, maar dat was het dan wel. Het heeft iets troostends om mijn rugzak en spullen te zien liggen. Alsof ik ieder moment weer op pad ga. Alsof het nog niet voorbij is. En dat mijn huis maar een tijdelijk hostel is.
Maar dan slaat de twijfel toe. Was de tent wel goed droog toen ik ‘m de allerlaatste keer inpakte? En de slaapzak en het matje kunnen ook een wasbeurt gebruiken. En bovendien kan ik maar beter zuinig zijn op mijn spullen, ik hoop er nog lang gebruik van te kunnen maken. 
En zo zal er toch langzaamaan iets opgeruimd gaan worden.

Deze week waren er tal van sociale afspraken, waarin ik anecdotes en gebeurtenissen van mijn hike vertelde. Ik sta stil bij de impact die het deze keer gemaakt heeft en welke lessen ik er uit kan trekken. Hoe komt het toch dat mijn hikes zo zwaar zijn met zoveel tegenslagen alsof het soms voelt als strafkamp? Ik had deze keer toch júist een (relatief) makkelijke hike uitgekozen, bijvoorbeeld omdat ie goed gemarkeerd is, water volop aanwezig is en de mogelijkheden tot kamperen vrij zijn? En toch ben ik wederom emotioneel door de mangel gehaald. Ja. Ik had een toegankelijke hike uitgekozen, maar geen makkelijk tijdstip; zo onpraktisch dat ik letterlijk de hekkensluiter van de Kungsleden was dit jaar. Het zorgde onder andere voor stress om de boten te halen en veel sneeuwstormen. Hand in eigen boezem, Rayu; je kiest nooit de makkelijke weg, en dat is prima, totdat er van alles mis gaat. En dat gaat het, want ik ben nogal een pechvogel op dit gebied. Dus je kiest iets met nauwelijks marge, en wanneer het mis gaat, dan gaat het heel hard. 
Ook besefte ik tijdens deze hike hoe zwaar mijn solohike in Canada écht was geweest, wat voor ongelooflijke impact ruimte en licht op je hebben en hoe hartelijk mensen kunnen zijn. Ik besluit me daardoor te laten inspireren en er wat van over te nemen. 

Al met al was het weer een bijzondere ervaring die ik voor geen goud had willen missen en dankbaar in mijn symbolische rugzak stop. Maar nu is het weer tijd om andere hikers voor te bereiden op hún bijzondere reis in het verschiet!